Natuurlijke opruimers

ProjectpartnersArtEZ, Wageningen University & Research, Naturalis Biodiversity Center, Kennis en Adviescentrum Dierplagen (KAD), LEW, Modint, Ontwerpstudio Hellen van Rees, Sympany
Duur 2021 – 2022
FinancieringKIEM GoCI NWO/SIA

Kleer- en pelsmotten zijn plaagdieren omdat hun larven gaatjes in kleding vreten. Onderzoek naar deze motten is daarom voornamelijk gericht op verdelging, terwijl ze in de natuur juist goede opruimers zijn. Het mechanisch of chemisch verwerken van textielafval tot duurzame grondstof heeft flinke milieu-impact. In het recyclingproces is het scheiden van gemengde vezels een groot obstakel. Als motten ingezet kunnen worden om onbruikbaar textiel te verminderen zou dit waardevol zijn voor recycleaars. In dit onderzoek is gekeken of kleermotten een nuttige rol kunnen vervullen in het duurzaam verwerken van moeilijk recyclebaar textiel.

Samen met kledinginzamelaar Sympany is gekeken naar de samenstelling van post-consumer textiel in Nederland. Met samples uit de moeilijk recyclebare fractie ‘mixed sweater’ (breisels met gemengde vezeltypes) is experimenteel onderzocht welke materiaalcombinaties de larven van de kleermot –bekend om voorkeur voor het eten van wol (keratine) – het liefst en/of het efficiëntst aantasten. Bij het Kennis en Adviescentrum Dierplagen (KAD) zijn mottenlarven onder gecontroleerde omstandigheden losgelaten op de samples en vergeleken met andere insecten die keratine verteren. De proeven met mottenlarven zijn ter vergelijking ook uitgevoerd in de ontwerpstudio van Carolijn Slottje. Daarnaast hebben  WUR-studenten literatuurstudie gedaan naar de levenscyclus en het metabolisme van kleermotten. In samenwerking met modeontwerpers Hellen van Rees en Merel Wicker is verkend hoe het ontwerpproces zou veranderen indien motten onderdeel zouden zijn van de recyclingcyclus van het kledingstuk. I.s.m. Saxion zijn de gebruikte textielsamples onderzocht op samenstelling en is geanalyseerd wat ervan overbleef na aantasting door mottenlarven.

Het onderzoek gaf eerste inzichten in hoe de mot zou kunnen floreren als natuurlijke opruimer. Het riep ook vragen op en liet onverwachte mogelijkheden zien. Zo lijkt de mot als een kanarie in een kolenmijn een indicatie te kunnen geven over de aanwezigheid van bepaalde (toxische) stoffen in textiel, die niet in het label vermeld zijn.